Beleidsplan

AD 2016 – AD 2019

Hervormde Gemeenten Ilpendam en Watergang

Inhoudsopgave
  1. Inleiding
    • Inleiding
    • Uitgangspunten tijdens het schrijven
    • Opzet

 

  1. Profielschets gemeenten

 

  1. Roeping en Opdracht

 

  1. Eredienst
    • Prediking
    • Liturgie
    • De Heilige Doop
    • Het Heilig Avondmaal
    • Bijzondere diensten
    • Rond de eredienst
    • Inzet voor de komende periode

 

  1. Kerkenraad
    • Inleiding
    • Werkwijze
    • Samenwerken beide gemeenten
    • Inzet voor de komende periode

 

  1. Pastoraat
    • Inleiding
    • Kernmomenten van pastoraat
    • Werkwijze ambtelijk pastoraat
    • Ouderenbezoekwerk
    • Inzet voor de komende periode

 

  1. Diaconaat
    • Inleiding
    • Werkwijze
    • Inzet voor de komende periode

 

  1. Kerkrentmeesterschap
    • Inleiding
    • Werkwijze
    • Inzet voor de komende periode

 

  1. Gemeenteopbouw
    • Inleiding
    • Bijbelkringen
    • Gemeenteactiviteiten
    • Communicatie
    • Inzet voor de komende periode

 

  1. Jeugdwerk
    • Inleiding
    • Organisatie
    • Tijdens de erediensten
    • Catechese
    • Jeugdhonk
    • Inzet voor de komende periode

 

  1. Zending en evangelisatie
    • Inleiding
    • Zending
    • Evangelisatie
    • Inzet voor de komende periode


1          Inleiding

 

  • Inleiding

 

Voor u ligt het beleidsplan AD 2016 – AD 2019 van de Hervormde gemeenten Ilpendam en Watergang.

 

Waarom een beleidsplan? Als kerkenraad weten we ons geroepen om leiding te geven aan de gemeente. We zijn er van overtuigd dat het schrijven van een beleidsplan ons bij dit leidinggeven helpt. Het heeft waarde om eens in de zoveel tijd visie op alle onderdelen van het gemeenteleven te verwoorden, of eerdere verwoordingen tegen het licht te houden. Dat houdt ons scherp. Daarnaast geeft het de kans om nieuwe ontwikkelingen en vragen die er in de loop ter tijd ontstaan een plek te geven in het beleid van de gemeente. Ook draagt een beleidsplan bij aan de continuïteit en de overdracht van het beleid bij wisselingen binnen de kerkenraad.

 

1.2          Uitgangspunten tijdens het schrijven

 

Tijdens het schrijven van dit beleidsplan zijn er een aantal uitgangspunten geweest.

 

* Het nieuwe beleidsplan wordt een herziene versie van het vorige plan. In de basis is het beleid in de gemeenten goed, we hoeven geen hele nieuwe kant op, daarom bouwen we voort op wat er is. Het schrijven aan het nieuwe beleidsplan is het finetunen van het oude. Het is onderzoeken op welke punten we nog verder kunnen komen.

 

* Het schrijven van het nieuwe beleidsplan laten we vooraf gaan door het formuleren van een Roeping en Opdracht. In de Roeping willen we kernachtig verwoorden waarom we als gemeente bestaan en waar we ons toe geroepen weten. En in de Opdracht willen we kernachtig verwoorden wat er in de komende periode van belang is om aan onze roeping gehoor te kunnen geven. Deze Roeping en Opdracht zullen een fundament gaan vormen onder het hele plan. Zij sturen ons bij het onderzoeken op welke punten we nog verder kunnen komen.

 

* In het schrijven van het nieuwe beleidsplan nemen we mee wat besproken is op de gemeenteavonden in 2011 tijdens de bespreking van de profielschets van de nieuw te beroepen predikant. Ook de analyse van ons als gemeenten uitgevoerd door de Hervormd Gereformeerde JeugdBond uit datzelfde jaar nemen we mee.

 

* Het nieuwe beleidsplan wordt niet een document met allerlei nieuwe besluiten. Het wordt meer een agenda waarin staat op welke onderdelen we ons in de komende periode zullen gaan bezinnen, waarin we keuzes moeten maken.

 

1.3           Opzet

 

Na deze inleiding volgt eerst een profielschets van beide gemeenten. Daarna volgen de Roeping en Opdracht. Vervolgens komen in de verschillende hoofdstukken de verschillende aspecten van het gemeente zijn naar voren. Het zijn dezelfde hoofdstukken als in het vorige plan. Eén wijziging is er. Er is een apart hoofdstuk gekomen voor het Jeugdwerk, om de bijzondere positie van hen binnen ons als gemeenten te markeren.

 

Aan het eind van elk hoofdstuk is een paragraaf met de titel ‘Inzet voor de komende periode’. Daarin staan de punten van bezinning waarin we de komende tijd mee aan de slag willen.

 

We hopen dat ook dit beleidsplan een functie zal vervullen in het werk van de kerkenraad en daarmee tot dienst zal zijn aan de opbouw van de gemeente en daarmee tot de verheerlijking van Gods grote Naam. Soli Deo Gloria: Alleen God zij de eer.

 

2          Profielschets gemeenten

 

De Hervormde Gemeenten Ilpendam en Watergang vormen samen een combinatiegemeente. Formeel zijn het twee zelfstandige gemeenten, met ieder een eigen kerkenraad, kerkgebouw, kerkdiensten, enzovoort, die samen één predikantsplaats delen; Ilpendam 8/12de , Watergang 4/12de. In praktijk wordt echter op bijna alle terreinen nauw samengewerkt: gemeenschappelijke kerkdiensten, catechese, jeugdclub, Bijbelkringen, gemeentedagen en gemeenteavonden, kerkblad, enzovoort.

 

Wij voelen ons verbonden met de wereldwijde gemeente van Jezus Christus. Samen met vele gemeenten verspreid over de wereld en door de eeuwen heen belijden we Jezus Christus als de Heer van onze gemeente, en geloven wij dat wij door Hem alleen bestaan. De blik in onze gemeenten is dan ook allereerst naar Hem. Binnen de wereldwijde en eeuwenoude kerk van Christus zijn we onderdeel van de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) en willen we staan in de reformatorische traditie.

 

In onze gemeenten staat de Bijbel, dat wij lezen als Woord van God, centraal. Dat centraal staan is breder dan de verkondiging eruit in de erediensten. Ook in pastorale contacten, catechesemomenten en Bijbelkringen gaat de Bijbel open, om daaruit te ontvangen wat ons leven verder brengt. Daarnaast vindt ook het verdere werk wat in onze gemeenten gebeurt, jeugdwerk, diaconaat, gemeentedagen en – avonden, haar oorsprong in het Woord van God. De oproepen daaruit om samen te zijn, elkaar te leren, barmhartigheid te tonen maken dat we dit alles een plek geven in onze gemeente. Wij lezen de Bijbel overeenkomstig het belijden van de oecumenische belijdenisgeschriften (de Apostolische geloofsbelijdenis, de geloofsbelijdenis van Nicea en de geloofsbelijdenis van Athanasius) en de gereformeerde belijdenisgeschriften (de Nederlandse geloofsbelijdenis, de Heidelbergse Catechismus en de Dordtse leerregels).

 

Naast de blik op Christus is onze blik gericht op onze omgeving, het Noord-Hollandse Waterland. Allereerst vanuit het verlangen om in navolging van God deze omgeving en de ander daarin te dienen, te ondersteunen waar nodig. Maar ook vanuit het verlangen iets van wat wij in onze gemeenten beleven met anderen te delen. Het leven is zoveel meer dan focus op onszelf en op groei. Vreugde in het leven is juist te vinden in het wegkijken van jezelf, in het zien op de ander en in het zien op een God die boven het leven wat wij zien en ervaren uitstijgt, die leven en dood overstijgt, die ons mensen kent en ons in ontferming en genade aanziet.

 

Als gemeente hebben wij een regiofunctie. Leden komen niet alleen uit Ilpendam en Watergang, ook uit omliggende dorpen en steden als Monnickendam, Purmerend, Landsmeer, en zelfs nog verder.

 

Zoals beschreven zijn we lid van de PKN. De punten waarop het beleid van onze gemeenten afwijkt van het ruimere beleid van de PKN zijn: de verbondenheid aan de gereformeerde belijdenisgeschriften (zie hierboven), het beleid rond de Heilige Doop (zie 4.3), rond de toelating tot het Heilig Avondmaal (zie 4.4), rond de inzegening en kerkelijke bevestiging van het huwelijk (zie 4.5) en rond de verkiezing van ambtsdragers (zie 5.2).

 

3          Roeping en Opdracht

 

Roeping

Wij, als Hervormde Gemeenten Ilpendam en Watergang, weten ons door God geroepen om te getuigen van Hem. Om te wijzen op zijn heilzame woorden voor ons leven en zijn Evangelie van verlossing en vernieuwing in Christus. Dit getuigen van God is bedoeld voor onze omgeving, maar ook voor onszelf.

 

Deze roeping vinden we verbeeld in de torens van onze kerken. Deze wijzen omhoog, getuigen zo van God, en zijn zo voor ons, onze dorpen en de wijde omgeving een zichtbaar baken van geloof, hoop en liefde.

 

In deze roeping weten we ons afhankelijk van God zelf. Hij is het die ons tot getuigen roept en ons als gemeente in deze roeping draagt en ook al eeuwen gedragen heeft.

 

Opdracht voor de komende periode

De komende jaren gaan we aan deze roeping werken vanuit de identiteit die ons al lange tijd drijft. We vinden die in de reformatorische traditie en komt tot uiting in dat we onze identiteit vinden in de gekruisigde en opgestane Jezus Christus als Heer van onze gemeente. We belijden dat de Bijbel als geopenbaard Woord van God de bron is waar we als gemeenten uit putten en norm waartoe we ons verhouden.

 

We willen inzetten op onderlinge verbondenheid. Die verbondenheid is er al, allermeest omdat we als leden van Gods gemeente verbonden zijn in Christus. Maar die verbondenheid willen we versterken omdat we verwachten dat een sterkere verbondenheid ons uiteindelijk dichter bij Christus brengt.

Omdat we de beperking onderkennen van het ver bij elkaar vandaan wonen gaan we mogelijkheden tot versterking van onderlinge verbondenheid in eerste instantie niet zoeken in het vermeerderen van momenten van contact, maar in het intensiveren van de huidige momenten van contact.

 

Waar we ook op in willen zetten is een stevigere verbinding van de jeugd aan de gemeenten. Daarin ligt een zorg, want kinderen, maar met name jongeren bevinden zich nu veelal aan de zijkant van de gemeente. Ze zijn tijdens kernactiviteiten weinig zichtbaar. We gaan eraan werken dat kinderen en jongeren meer een plek hebben in het midden van de gemeenten. Wat ons drijft is dat we ook hierin verwachten dat een sterkere verbondenheid, nu van de jeugd met de gemeenten, leidt tot een sterkere verbondenheid, van de jeugd, met Christus. En daarbij: oudere generaties hebben we nodig, om van te leren, zij hebben ons veel gegeven, maar ook jongere generaties hebben we nodig, om het geleerde weer door te kunnen geven. Verbinding tussen generaties zien we daarom als van groot belang.

 

Verder willen we in de komende periode onderzoeken waarin we als gemeente meer open kunnen zijn richting de omgeving waarin we als gemeenten wonen. Uitgangspunt zal zijn dat we het meer open zijn niet zoeken in het vermeerderen van activiteiten, maar in het eventueel aanpassen van huidige activiteiten.

De reden van dit zoeken ligt in het verlangen om zo goed mogelijk te kunnen beantwoorden aan de roeping om ook richting onze omgeving te getuigen van God.

 

We willen in de komende periode ook kijken naar de inzet van gemeenteleden. We gaan onderzoeken of gemeenteleden wat betreft hun gaven en interesse op de juiste plek zitten, of we de lasten goed verdelen en of we wellicht activiteiten moeten laten vervallen. En we zoeken naar creatieve manieren om ook in de toekomst goede inzet van gemeenteleden te kunnen hebben.

 


4          Eredienst

 

4.1           Prediking

 

Het hart van de eredienst is lezing uit het Woord en de verkondiging daaruit. De verkondiging vindt plaats vanuit het besef dat de Heilige Schrift het Woord van God is. In het gebed om de verlichting van de Heilige Geest, voorafgaande aan de prediking, bidden we of God zelf, door middel van de verkondiging van de predikant, tot de gemeente wil spreken.

 

In de prediking dient het wezen en werk van de drie-enig God, Vader, Zoon en Heilige Geest, ontvouwen te worden. Aan de gemeente wordt in de prediking de twee wegen voorgehouden, met als doel te brengen tot geloof en versterking van het gewekte geloof.

 

De prediking dient in overeenstemming te zijn met het belijden van de kerk, zoals verwoord is in de paragraaf 1.2 genoemde oecumenische en gereformeerde belijdenisgeschriften.

 

Vanuit een grondige uitleg vindt een pastorale en praktische toepassing plaats naar het hart en leven van de gemeenteleden. Gestreefd wordt naar een heldere verkondiging in gewoon Nederlands, die voor jong en oud te begrijpen is. Het geheel van de gemeente, zowel qua leeftijd, als qua achtergrond, als qua levensomstandigheden dient hierbij in het oog te worden gehouden.

 

4.2           Liturgie

 

Tijdens de samenkomst van de gemeente bevinden we ons in de werkplaats van de Heilige Geest. God wil Zelf in de samenkomst van de gemeente aanwezig zijn en tot ons spreken door middel van Zijn Woord. Daarbij past een eerbiedige houding en een verzorgde liturgie.

 

In de diensten wordt de gereformeerde liturgie gevolgd. Hierbij komen aan de orde: stil gebed, votum en groet, gemeentezang, lezing van de Wet van God (uit Exodus 20 of een alternatief gedeelte), soms afgewisseld door het belijden van het christelijk geloof (meestal met de Apostolische geloofsbelijdenis, soms uit een van de andere belijdenisgeschriften), gebed om schuldvergeving, gebed om verlichting door de Heilige Geest, Schriftlezing, Prediking, dankgebed, voorbeden, inzameling van de gaven en de zegen.

 

Voor de Schriftlezing wordt momenteel gebruik gemaakt van de Bijbelvertaling van het NBG (1951). Er bestaan geen bezwaren tegen het gebruik van de Statenvertaling of de Nieuwe Bijbel Vertaling.

 

Voor de gemeentezang maken we gebruik van de berijmde Psalmen, in de berijming van 1963. Die vormen de basis voor wat we zingen. Daarnaast zingen we uit de Hervormde Bundel (‘bundel ‘38’) en uit de bundel “Op Toonhoogte”.

 

4.3           De Heilige Doop

 

Op grond van het genadeverbond van God, opgericht met Abraham en zijn nageslacht, waarin na Pinksteren ook heidenen (niet-Joden) mogen delen, wordt aan de kinderen van de gemeente de Doop bediend. Het beleid van de kerkenraad is om kinderen niet op te dragen, maar vast te houden aan de kinderdoop. Zij die niet als kind gedoopt zijn, ontvangen dit sacrament op volwassen leeftijd, na voorafgaande belijdenis van het geloof.

 

De Heilige doop is een teken en zegel van de afwassing van onze zonden door het bloed van de Here Jezus Christus. De Doop wordt bediend met dat doel, en niet uit gewoonte of bijgeloof. Voorafgaande aan de Doop vindt dan ook een pastoraal bezoek plaats waarin de ouders wordt uitgelegd wat de Doop betekent en waarin wordt gewezen op de belijdenis en de beloften die ouders bij de Doop dienen af te leggen.

 

De Heilige doop wordt bediend in het midden van de gemeente. Er wordt hierbij gebruik gemaakt van één van de reformatorische doopformulieren, vanwege de duidelijke uitleg die daarin wordt gegeven over de Bijbelse leer omtrent dit sacrament. Bij het dopen van kleine kinderen worden de doopvragen gesteld in aanwezigheid van de te dopen kinderen. De ouders ontvangen na de dienst een kinderbijbel die door de ouderling van dienst namens de kerkenraad wordt overhandigd. Bij de doop van het volgende kind ontvangen de ouders een ander geschenk dat dienst kan doen in de geloofsopvoeding.

 

4.4           Het Heilig Avondmaal

 

De viering van het Heilig Avondmaal heeft een belangrijke plaats in het leven van de gemeente. Het Heilig Avondmaal is door Christus zelf ingesteld om ons te laten delen in de gemeenschap met Zijn lichaam en bloed.

 

Tot de Avondmaalstafel worden genodigd allen die in Christus geloven en dit kenbaar hebben gemaakt door belijdenis van hun geloof af te leggen. Kinderen worden niet aan de tafel genodigd. Aan hen wordt eerst op catechisatie de rijke betekenis van dit sacrament uitgelegd en vervolgens worden zij uitgenodigd en aangespoord om ook belijdenis van het geloof te doen, alvorens deel te nemen aan het Heilig Avondmaal.

 

Het Heilig Avondmaal wordt vier keer per jaar gevierd, waaronder op Goede Vrijdag. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een van de reformatorische avondmaalsformulieren, vanwege de duidelijke uitleg die daarin gegeven wordt van de Bijbelse leer omtrent dit sacrament.

 

Op de zondag van de week voor een Avondmaalsviering wordt hier al aandacht aan besteed zodat de gemeenteleden zich die week hierop kunnen voorbereiden. In geval van bezwaren ‘over belijdenis en wandel van de lidmaten van de gemeente’ (censura morem) kan in die week contact worden opgenomen met de predikant.

 

Wanneer het Heilig Avondmaal wordt gevierd in de kerk, is er ook gelegenheid voor bijvoorbeeld (langdurig) zieken om het Avondmaal aan huis te vieren. Hiervoor kan contact worden opgenomen met de predikant.

 

4.5           Bijzondere diensten

 

Een aantal diensten draagt een bijzonder karakter. Dit betreft diensten die betrekking hebben op de loop van het kerkelijk jaar (met name de grote christelijke heilsfeiten van Kerst, Goede Vrijdag, Pasen, Hemelvaart en Pinksteren), of op het wereldlijk jaar en de seizoenen (nieuwjaarsdag, bidstond in het voorjaar, dankstond in het najaar, oudejaarsdag), of op bijzondere momenten of accenten van de gemeente (startzondag, gezinsdienst, jeugddienst, belijdenisdienst).

 

Naast de reguliere jaarlijkse bijzondere diensten, worden er onder verantwoordelijkheid van de kerkenraad ook diensten gehouden bij vreugdevolle of verdrietige gebeurtenissen in het gemeenteleven. Deze diensten vinden plaats op verzoek van gemeenteleden. Dit betreft voornamelijk diensten bij trouwerijen en uitvaarten.

 

Reguliere bijzondere diensten

  • Startzondag (op de derde zondag van september).
  • Dankstond voor gewas en arbeid (op de eerste woensdag van november).
  • Kerstnacht (m.m.v. een kerkkoor of muzikale begeleiding).
  • Kerstmorgen (m.m.v. een kerkkoor of muzikale begeleiding).
  • Bidstond voor gewas en arbeid (op de tweede woensdag van maart).
  • Waarop er gelegenheid is om openbare belijdenis van het geloof af te leggen.
  • Goede Vrijdag. In deze dienst wordt ook het Heilig Avondmaal gevierd.
  • Pasen (m.m.v. een kerkkoor of muzikale begeleiding).
  • Hemelvaartsdag (met aansluitend een gemeenteactiviteit).
  • Pinksteren (m.m.v. een kerkkoor of muzikale begeleiding).

Huwelijksdiensten

In huwelijksdiensten worden alleen huwelijken tussen man en vrouw bevestigd en ingezegend. Andere levensverbintenissen of verbintenissen tussen echtgenoten van hetzelfde geslacht kunnen op grond van Gods Woord niet worden bevestigd en ingezegend.

 

Voorafgaande aan een huwelijksdienst bereidt het bruidspaar zich hierop voor door samen met de predikant een catechetisch boek over het huwelijk door te nemen (bijvoorbeeld ‘Ik beloof je trouw’ van ds. L.M. Vreugdenhil). Bij het huwelijksgesprek wordt de Bijbelse leer van het huwelijk doorgenomen. Hierbij wordt ook gewezen op de beloften die het bruidspaar dient af te leggen bij een kerkelijke huwelijksbevestiging.

 

In de dienst wordt een huwelijksformulier gelezen waarin de Bijbelse leer over het huwelijk wordt uitgelegd. Het doel voor de collecte tijdens deze dienst wordt in overleg met het bruidspaar uitgekozen. De ouderling van dienst overhandigt namens de kerkenraad de huwelijksbijbel.

 

Uitvaartdiensten

Op verzoek van de familie kan er in de kerk een dienst gehouden worden voorafgaande aan de uitvaart. Ook dit zijn volwaardige kerkdiensten die plaats vinden onder verantwoordelijkheid van de kerkenraad. Bij de invulling wordt dan ook rekening gehouden met de traditie en gebruiken van de gemeente.

 

Hoewel de kerkenraad het begraven veel meer in de lijn van de Bijbel en het christelijk geloof acht dan het cremeren, wil zij het houden van een uitvaartdienst voorafgaand aan een crematie om die reden niet uitsluiten.

 

Jeugd- en gezinsdiensten

Op een aantal zondagen in het jaar worden jeugddiensten gehouden. Dit zijn diensten waarin thematiek centraal staat die nauw aansluit bij het leven van de jeugd in de gemeente. We merken dat die aansluiting in reguliere diensten niet altijd mogelijk is, door de grote diversiteit aan mensen. Door deze speciale jeugddiensten hopen we dat wel te bereiken. Ook is de muzikale begeleiding anders ten opzichte van een reguliere dienst. Deze diensten worden in samenwerking met de jeugddienstcommissie, de predikant, en een aantal jongeren voorbereid.

 

Eind juni, begin juli is er een gezinsdienst. Naast jeugd worden dan ook de jongere kinderen in de dienst betrokken. Ook wordt in deze dienst afscheid genomen van kinderen die de kindernevendienst verlaten. Deze dienst wordt voorbereid door de jeugddienstcommissie, de predikant, een aantal jongeren, en de kindernevendienst.

 

4.6           Rond de eredienst

 

Autodienst

Voor hen die door leeftijd en/of lichamelijke conditie niet zelf de kerk kunnen bereiken, is er een autodienst. Om hiervan gebruik te maken dient contact te worden opgenomen met één van de contactpersonen, waarvan de namen en telefoonnummers in de gemeentegids en in ieder kerkblad worden vermeld.

 

Koffiedienst

Na afloop van de dienst is er gelegenheid om elkaar te ontmoeten en koffie te drinken in de kerk. Dit vindt plaats in Watergang na de diensten van 10:00 en 10.30 uur en in Ilpendam na iedere dienst. De namen van de contactpersonen die dit coördineren worden vermeld in de gemeentegids.

 

Bloemendienst

De bloemen uit de kerk worden na afloop van de kerkdienst naar gemeenteleden gebracht: onder meer als bemoediging aan zieken, als welkom aan nieuwe gezichten in de gemeente en als felicitatie bij (huwelijks-)jubilea en bij verjaardagen van gemeenteleden die 70 jaar of ouder zijn geworden. De namen van de contactpersonen hiervan worden vermeld in de gemeentegids

 

Geluidsdienst

Voor mensen die verhinderd zijn om de kerkdienst bij te wonen of een dienst nogmaals zouden willen beluisteren, is er een geluidsdienst. Voor hen die door ziekte of ouderdom de diensten niet kunnen bijwonen, kunnen Cd’s zonder kosten worden geleend. De Cd’s worden dan periodiek thuisbezorgd en omgeruild. Daarnaast bestaat de mogelijkheid een CD van een kerkdienst aan te schaffen. De contactpersonen worden vermeld in de gemeentegids.

Tevens kan in beide kerkgebouwen gebruik worden gemaakt van een z.g. “doventelefoon”.

 

4.7           Inzet voor de komende periode

 

* Bezinning tijdstip en plaats erediensten

Aansluitend bij de gestelde opdracht om in te zetten op onderlinge verbondenheid willen we ons bezinnen op het tijdstip en de plaats van de erediensten. De huidige praktijk is dat we in de regel twee diensten hebben op een zondag, één in elk dorp. Uitzonderingen zijn de eerste zondag van de maand, zondagen waarop bijzondere diensten zijn en zondagen waarop een gastpredikant voorgaat. Al vele jaren leeft echter in beide gemeenten de vraag of deze praktijk de meest vruchtbare manier van samenkomen is. Die vraag is er dan vaak vanuit het oogpunt van onderlinge verbondenheid.

Maar aan het gesprek hierover hangen meer aspecten dan verbondenheid alleen. Die aspecten willen we in de komende periode op een rij zetten. En van daaruit kijken wat goed is te doen. Of de praktijk die we hebben zo houden. Of overgaan tot alleen maar gezamenlijke diensten afwisselend in een van beide gebouwen.

 

* Doordenken jeugd- en gezinsdiensten

Aansluitend bij de gestelde opdracht om in te zetten op een stevigere verbinding van de jeugd aan de gemeenten willen we in de komende periode de jeugd- en gezinsdiensten verder doordenken. We zijn er drie jaar geleden mee gestart en we willen nu terugkijken wat ze ons als gemeenten brengen. Wat ze bijdragen voor jongeren en voor het geheel van de gemeente. En hoe het in de toekomst diensten kunnen blijven die iets toevoegen aan ons als gemeenten.

 

* Zingen tegen het licht houden

We willen stilstaan bij dat wat we zingen in de erediensten. Er is in loop van de geschiedenis van onze gemeente een wijze van zingen gegroeid, geworteld in de traditie waarin we staan. We gaan kijken, hoe die zo gegroeid, waarom we zingen wat we zingen, en of dat voor ons als gemeenten de meest passende wijze is. Daarbij verwachten wij geen grote aanpassingen.

 

* Lezen tegen het licht houden

We willen een keuze maken voor een nieuwe standaard Bijbelvertaling waaruit we lezen in de erediensten. We lezen nu uit de vertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap uit 1951. In de afgelopen jaren zijn er echter goede, meer hedendaagse vertalingen bijgekomen. We denken dan aan de Nieuwe BijbelVertaling uit 2004, of de Herziene Statenvertaling uit 2010. Dat zijn vertalingen die ook in op ons lijkende gemeenten in gebruik zijn genomen. We willen een van die twee kiezen als nieuwe standaard vertaling.

 

* Censura morum

Het noemen en gebruiken van censura morum in de aanloop naar de viering van het heilig Avondmaal is in de afgelopen jaren verwaterd. Dat willen we weer gaan herstellen.

 


5          Kerkenraad

 

5.1           Inleiding

 

Het hoofd van de kerk is Jezus Christus. Hij roept, regeert en bewaart Zijn kerk. Hij geeft daarvoor aan alle gemeenteleden gaven waarmee zij Hem en elkaar mogen dienen. Daarnaast roept Hij sommige gemeenteleden tot een speciale dienst: de ambtsdragers. Zij worden geroepen om Hem te vertegenwoordigen en om de gemeente “toe te rusten tot dienstbetoon” (Ef. 4:12). Zoals Christus drie ambten had (profeet, priester, koning), zo hebben wij in de kerk ook drie ambten: predikant, diaken en ouderling. De ambtsdragers vormen samen de kerkenraad.

 

5.2           Werkwijze

 

Taken van de ambtsdragers

Aan de predikant is in het bijzonder opgedragen: de verkondiging van het Woord, de bediening van de Sacramenten, de dienst der gebeden, de leiding van de kerkdiensten, het afnemen van de openbare belijdenis van het geloof, de bevestiging van ambtsdragers en de kerkelijke bevestiging en inzegening van het huwelijk. Daarnaast, samen met de ouderlingen, het opzicht over de gemeente, de herderlijke zorg, werk onder hen die van het evangelie vervreemd zijn en de catechese en geestelijke vorming van de jeugd.

 

Aan de ouderlingen is in het bijzonder opgedragen: het samenbrengen van de gemeente, de zorg dat alles in de gemeente met orde gebeurt, het dragen van medeverantwoordelijkheid voor de bediening van het Woord en het goede gebruik van de sacramenten, de ambtelijke vertegenwoordiging bij de kerkdiensten, de verzorging van de stoffelijke belangen van de gemeente, voor zover niet van diaconale aard, door daartoe in het bijzonder aangewezen ouderling-kerkrentmeesters, en verder, samen met de predikant, het opzicht over de gemeente, de herderlijke zorg, werk onder hen die van het evangelie vervreemd zijn en de catechese en geestelijke vorming van de jeugd.

 

Aan de diakenen is opgedragen: de dienst der barmhartigheid jegens gemeente en wereld. In het bijzonder: bijstand aan hen die verpleging en verzorging behoeven, die moeilijkheden hebben in het gezinsleven, maatschappelijke problemen of in stoffelijke nood verkeren. Daarnaast: voorlichting van de gemeente m.b.t. de sociale noden, ambtelijke vertegenwoordiging bij de kerkdiensten, de leiding over het inzamelen van de gaven en het beheer van de diaconale gelden en goederen.

 

Samenstelling kerkenraad

Er wordt naar gestreefd om als bezetting van de kerkenraad de volgende samenstelling van ambtsdragers in de kerkenraad te hebben. Ilpendam: predikant, drie ouderlingen (waaronder een jeugd-ouderling), drie ouderling-kerkrentmeesters en drie diakenen. Watergang: predikant, twee ouderlingen, twee ouderling-kerkrentmeesters en twee diakenen (waarvan één met een speciale opdracht ten aanzien van de jeugd).

 

De afgelopen jaren is er tevens naar gestreefd om enige doorstroom in de kerkenraad te krijgen. Hiertoe wordt nu een rooster van aftreden bijgehouden, waarbij om het jaar (in de oneven jaren) de helft van de ambtsdragers aftreedt. Er wordt naar gestreefd dat ambtsdragers niet langer dan drie aangesloten termijnen van 4 jaar in het ambt staan.

 

Verkiezing ambtsdragers

De ouderlingen en diakenen worden door de stemgerechtigde lidmaten van de gemeente gekozen. Voor beide gemeenten geldt dat alleen belijdende leden als ambtsdragers gekozen kunnen worden. Een aantal ambtsdragers in Watergang heeft moeite met het aanstellen van vrouwelijke ambtsdragers.

 

De wijze waarop ambtsdragers gekozen worden, is als volgt. Voor beide gemeenten geldt dat de gemeente wordt uitgenodigd om aanbevelingen te doen van personen die voor verkiezing in aanmerking komen. Deze aanbevelingen dienen schriftelijk en ondertekend bij de kerkenraad te worden ingeleverd, onder vermelding van het ambt waarvoor die persoon wordt voorgedragen. Daarnaast kan de kerkenraad ook zelf namen voordragen. De kerkenraad kan vervolgens tweetallen opstellen waaruit de verkiezing door de stemgerechtigde leden van de gemeente plaatsvindt. Indien het aantal kandidaten niet groter is dan het aantal vacatures, worden de kandidaten verkozen verklaard.

 

De kerkenraad maakt vervolgens de namen van hen die gekozen zijn, of de namen van de ambtsdragers welke herkozen kunnen worden aan de gemeente bekend teneinde goedkeuring te verkrijgen met oog op de bevestiging. De gekozen kandidaten of herkozen ambtsdragers hebben twee weken de gelegenheid om hun benoemding te aanvaarden of er voor te bedanken. Bezwaren tegen de bevestiging van de gekozenen, herkozenen, of tegen de verkiezingsprocedure, dienen binnen een week na bekendmaking schriftelijk en ondertekend bij de kerkenraad te worden ingediend. Indien er geen bezwaren zijn ingebracht, vindt bevestiging plaats in een kerkdienst.

Werkwijze kerkenraad

De kerkenraad vergadert zes keer per jaar. Vaste agendapunten zijn: het pastoraat, jeugdwerk, diaconale zaken, kerkrentmeesterlijke zaken. Jaarlijks terugkerende onderwerpen zijn: winterwerk, jaarverslag van de predikant, begrotingen, jaarrekeningen. Daarnaast wordt er regelmatig tijd gereserveerd om vanuit de Heilige Schrift het beleid van de kerkenraad, in grote lijnen en in deelonderwerpen, te doordenken en te overwegen.

 

Het moderamen (dagelijks bestuur) van de kerkenraad, bereidt de kerkenraadsvergaderingen voor en handelt lopende zaken af. Op iedere eerste kerkenraadsvergadering van het nieuwe jaar worden de beide moderamina voor dat jaar gekozen. In het moderamen hebben zitting: de praeses (voorzitter), scriba (secretaris) en een assessor (toegevoegd lid). Ook de moderamen vergaderingen worden gemeenschappelijk gehouden.

 

De kerkenraadsvergaderingen worden vooraf aangekondigd bij de kerkdiensten en in het kerkblad. Om de gemeente in kennis te stellen van wat er besproken wordt, wordt er daarnaast achteraf in het kerkblad steeds een impressie gegeven van de afgelopen kerkenraads­vergadering.

 

Meerdere vergaderingen

Vanuit de kerkenraad worden er telkens ambtsdragers afgevaardigd naar meerdere (bovenplaatselijke) kerkelijke vergaderingen. Uit de beide kerkenraden samen nemen twee ambtsdragers (de predikant en een ouderling of diaken) deel aan de vergaderingen van de classis Edam/Zaandam, waar vanuit dan weer één afgevaardigde deelneemt aan de vergadering van de landelijke synode.

5.3           Samenwerken beide gemeenten

 

In de afgelopen jaren is de samenwerking tussen beide gemeenten geïntensiveerd. Dat heeft er toe geleid dat het volgende nu samen wordt gedaan.

 

  • De kerkenraadsvergaderingen en de moderamenvergaderingen.
  • De consistorievergaderingen.
  • Er vindt samenwerking plaats tussen de beide colleges van kerkrentmeesters.
  • De diaconieën werken samen. De collecteroosters worden op elkaar afgestemd. De inzamelingsactie Dorcas en Sams kledingsactie worden door beide diaconieën gedragen.
  • Er is samenwerking bij de organisatie van de beide vakantiebijbelweken, en het binnenkerkelijke jeugdwerk (Op stap, kindernevendienst, catechese, Jeugdhonk).
  • Op de eerste zondag van de maand, op zondagen waarop bijzondere diensten zijn en zondagen waarop een gastpredikant voorgaat worden er gezamenlijke diensten gehouden.

 

5.4           Inzet voor de komende periode

 

* Versterken onderlinge verbondenheid

Het inzetten op onderlinge verbondenheid, zoals in de opdracht verwoord, willen we ook betrekken op de kerkenraad. Om die verbondenheid te versterken willen we in ieder geval tijdens de helft van de kerkenraadsvergaderingen een moment inruimen voor bezinning. Een stuk bezinning over iets wat de gemeente aangaat, en dat op zo’n wijze dat er verbinding is met het eigen geloofsleven en dat we daar over spreken.

 

*Open naar omgeving

In de opdracht hebben we verwoord dat we in de komende periode willen onderzoeken waarin we als gemeenten meer open kunnen zijn richting onze omgeving. Dat willen we ook als kerkenraad onderzoeken en dan denken we aan het open zijn richting andere gemeenten. Dat we onderzoeken waar er mogelijkheden tot samenwerking liggen. Dat is in het besef dat er in Waterlandse gemeenten een verscheidenheid aan identiteit is, en dat samenwerken niet zomaar kan, maar we willen onze ogen open houden voor waar het wel kan.

 

*Inzet van gemeenteleden

Verbonden aan de opdracht over de inzet van gemeenteleden willen we in de komende periode momenten gaan prikken waarop we binnen de kerkenraad inventariseren of iedereen nog goed op z’n plek zit.

 

*Bezinning intensivering samenwerking

In de afgelopen jaren is de samenwerking tussen beide gemeenten en ook kerkenraden geïntensiveerd. Deze intensivering wordt als waardevol ervaren.

 

In de komende periode willen we onderzoeken of het goed is om de samenwerking nog verder te intensiveren. En dan denken we aan het eenworden van beide gemeenten. We willen in de komende periode gaan onderzoeken of zo’n eenwording voor ons als gemeenten een vruchtbare weg is om te gaan.

 

De verantwoordelijkheid om dit te gaan onderzoeken voelen we omdat we merken dat de vraag of het eenworden niet beter voor ons als gemeenten in beide gemeenten aanwezig is.

 

In dit onderzoeken willen we de eerdere stappen die hieromtrent in het verleden gemaakt zijn meenemen.

 

6          Pastoraat

 

6.1          Inleiding

 

De predikant en de ouderlingen (het consistorie) dragen de zorg en de verantwoordelijkheid voor het pastoraat in de gemeente. Daarnaast zijn alle gemeenteleden, in het ‘ambt aller gelovigen’, geroepen om naar elkaar om te zien en om gemeenschap te beoefenen.

 

6.2           Kernmomenten van pastoraat

 

Momenten van pastoraat zijn er veel. Het is zowel het huisbezoek van een ouderling als het schrijven van een bemoedigende kaart. En zowel een belangstellende vraag tijdens het koffiedrinken als een ziekenhuisbezoek van de predikant. Binnen die variëteit van momenten onderscheiden we drie kernmomenten waarin pastoraat in de gemeente een plek heeft.

 

  1. a) In de zondagse ontmoeting tijdens en rond de eredienst. Pastoraat vindt daar plaats in de prediking, waar het leven van gemeenteleden met alles wat daarin speelt wordt verbonden aan het Woord van God. Het vindt ook plaats in de voorbede waar situaties van dank en zorg genoemd worden en voor Gods aangezicht worden gebracht. En het vindt plaats tijdens de ontmoeting na de diensten, waar er ruimte is voor gesprek met elkaar

 

  1. b) In de Bijbelkringen. Daar is een samenkomen rond de geopende Bijbel om daaruit te leren. Maar het is ook een moment waarin er de mogelijkheid is om naar elkaar om te zien. Om wel en wee met elkaar te delen, en om dat te signaleren. Om met elkaar mee te leven in de vorm van een kaartje of een bezoek. En om met en voor elkaar te bidden.

 

  1. c) In huisbezoeken. Het huisbezoek wat ouderlingen en predikant afleggen, hieronder aangeduid als ambtelijk pastoraat, zie 5.3. En ook de bezoeken die worden afgelegd door bezoekzusters en broeders binnen het Ouderenbezoekwerk, zie 5.4.

 

6.3           Werkwijze Ambtelijk pastoraat

Het ambtelijke pastoraat bestaat uit het reguliere huisbezoek en specifieke vormen van pastoraat.

Huisbezoek

Predikant en ouderlingen bezoeken met regelmaat de gemeenteleden thuis. Door dit bezoek aan huis is er gelegenheid voor ontmoeting en meeleven in de persoonlijke en de gezinsomstandigheden. Kenmerkend voor huisbezoek is dat het daarbij gaat om de toespitsing op het leven met God. Met elkaar wordt gezocht naar de wijze waarop het Woord van God doorwerking vindt in ieders persoonlijke situatie.

Er wordt naar gestreefd om de meelevende gemeenteleden tenminste tweejaarlijks te bezoeken.

 

Specifieke vormen van pastoraat

Bij een aantal gelegenheden vinden speciale vormen van pastoraat plaats.

  • Bezoek nieuw ingekomenen. Nieuwe inwoners met een kerkelijke achtergrond ontvangen zo snel mogelijk bezoek van predikant of ouderling. Hierbij wordt de nieuwe inwoner hartelijk uitgenodigd tot en enigszins wegwijs gemaakt in de kerkelijke gemeente (gemeentegids en recent kerkblad worden hierbij afgegeven).
  • In geval van geboorte brengt de predikant kort na de geboorte een bezoek ter felicitatie.
  • Voorafgaand aan de bediening van de Heilige doop. Dit wordt gedaan door predikant en ouderling (de ouderling die dan tevens bij de Doopbediening ouderling van dienst is) (Zie 2.3).
  • Voorafgaand aan het doen van belijdenis is er een persoonlijk gesprek met belijdende leden, de predikant en enkele ambtsdragers.
  • Voorafgaand aan een huwelijk. Door de predikant (zie 2.5).
  • Echtparen die een huwelijksjubileum vieren worden (voor zover dat bekend is) op of rond hun jubileum door de predikant bezocht.
  • Gemeenteleden die in een ziekenhuis zijn opgenomen worden voor zover mogelijk en indien wenselijk wekelijks door de predikant bezocht.
  • Ouderen worden rond hun 80e en 90e verjaardag door de predikant bezocht.
  • Crisispastoraat (stervensbegeleiding, psychische nood) behoort tot de taak van de predikant. In voorkomende gevallen kan worden doorverwezen naar andere professionele hulp.

Consistorie

Predikant en ouderlingen (het consistorie) vergaderen twee of drie keer per jaar, Hierin vindt overleg plaats over pastorale aangelegenheden en worden er afspraken gemaakt over bezoek. In deze vergadering komt bezinning en pastorale vragen aan de orde.

 

6.4           Ouderenbezoekwerk

 

Het Ouderenbezoekwerk wordt gedaan door een groep van bezoekzusters en -broeders. Zij bezoeken gemeenteleden van 75 jaar en ouder. Dit is bezoekwerk wat naast het bezoekwerk van ouderlingen en de predikant wordt gedaan. Wat betreft de aard van de bezoeken: die is gericht op het tonen van verbonden- en betrokkenheid en eventueel op het verlenen van praktische hulp. Het geloofsgesprek kan daarbij uiteraard aan de orde komen, maar is niet het directe doel.

 

6.5           Inzet voor de komende periode

 

* Wat betreft het ambtelijk pastoraat. Daarin blijft het reguliere bezoekwerk uitgangspunt.

 

Daarnaast gaan we echter zoeken of we tijd van ouderlingen kunnen vrijspelen om bezoeken af te kunnen leggen aan doelgroepen waar we nu niet aan toekomen. We denken dan aan de leeftijd van 12-18 en 19-30 jarigen, aansluitend bij onze opdracht om de jeugd meer een plek in het midden van de gemeente te geven. En we denken aan ingeschreven leden die niet de erediensten bezoeken, aansluitend bij de opdracht om te zoeken naar hoe we als gemeenten meer open kunnen zijn richting de omgeving waarin we als gemeenten wonen.

 

Dat tijd vrijspelen gaan we onder andere zoeken in:

– het niet altijd in tweetallen op huisbezoek gaan.

– het stimuleren van pastoraat rond de zondagse ontmoetingen en op de Bijbelkringen. We hopen dat           door dat te stimuleren de onderlinge verbondenheid verder wordt vergroot, waardoor de noodzaak     een huisbezoek af te leggen om te weten wat er speelt minder urgent wordt. En daarnaast kan dat                zorgen voor een betere signalering van waar bezoek gewenst is.

 

Ook willen we kijken of er bij andere ambtsdragers gave en tijd aanwezig is om mee te draaien in het bezoekwerk.

 

* Op de agenda van elke consistorievergadering staat een moment van toerusting. Dit om de bezoekouderlingen toe te rusten in de belangrijke werk wat zij in de gemeente doen.

 

7          Diaconaat

                            

7.1           Inleiding

 

Diaconaat vindt haar oorsprong in het dienstbetoon van de Here Jezus. In navolging van Hem zijn ook Zijn volgelingen geroepen tot dienst aan de naaste, met name de naaste in nood. In het begin droegen de apostelen zelf deze zorg voor de armen. Zij ontvingen opbrengst van de verkochte goederen en deelden uit aan ieder die daar behoefte aan had. Later hebben de apostelen speciale ambtsdragers, de diakenen, gekozen die de zorg voor de armen als taak hadden (Hand. 6).

 

Ook vandaag de dag is het nog steeds de taak van de diaconie om rich­ting en mede uitvoering te geven aan de diaconale opdracht om te leven vanuit Gods Woord door er voor mensen te zijn in allerlei omstandigheden. Daarbij is van belang dat niet alleen ambts­dragers (diakenen), maar ook niet-ambtsdragers (de gehele gemeente) zijn geroepen tot de dienst der barmhartig­heid. De diaconie ziet het dan ook als haar taak de gemeente bewust te maken van de noden die er zijn, zowel plaatselijk, landelijk als wereldwijd.

 

7.2           Werkwijze

 

Hoewel Ilpendam en Watergang ieder hun eigen diaconie hebben (met elk een eigen administratie) werken beide colleges op de meeste terreinen echter nauw samen. Eens per jaar (in november) vergaderen de diaconieën gezamenlijk om zich te buigen over het te voeren beleid, waaronder een gezamen­lijk collecterooster en de begrotingen voor het komende jaar.

Conform de landelijke richtlijnen van de PKN wordt er jaarlijks een jaar­rekening en een begroting opgesteld, waarin verantwoording wordt afgelegd over het gevoerde en goed­keuring gevraagd voor het te voeren beleid. Na de voorgeschreven beoordeling door een kascontrole­commissie en vaststelling door de kerkenraad, liggen beide stukken voor gemeenteleden ter inzage bij de administrerende diaken.

Inkomsten

Bij elke kerkdienst is er een diaken aanwezig, die leiding geeft aan het inzamelen van diaconale gelden tijdens de dienst op basis van een collecterooster. Alle collectes dienen een specifiek doel en zijn daardoor bestemd voor derden. Er wordt zoveel mogelijk gecollecteerd voor vaste doelen, opdat de gemeente daadwerkelijk betrokken raakt bij het diaconale werk. Aan deze doelen wordt zoveel mogelijk bekendheid gegeven via de afkondigingen voor de dienst en/of artikelen in het kerkblad.

 

Naast de collectes ontvangen beide diaconieën ook opbrengsten uit het belegde vermogen (uit in het verleden ontvangen legaten). Daarnaast heeft de diaconie van Ilpendam tevens inkomsten uit onroerend goed (verpacht weiland, in beheer bij Kantoor Kerkelijke Goederen)

 

Beleid

Het beleid van beide diaconieën is er op gericht het thans beheerde vermogen zo veel mogelijk constant te houden. Daaruit vloeit voort dat de inkomsten uit vermogen in beginsel jaarlijks geheel worden doorgegeven aan zoveel mogelijk vaste diaconale doelen, waarmee in een aantal gevallen langlopende verplichtingen zijn aangegaan. Daarnaast worden – op aanvraag – incidentele verzoeken om noodhulp gehonoreerd. De diakenen trachten in hun beleid concreet gestalte te geven aan het diaconaat door zich te richten op drie ‘fronten’, te weten regionaal, landelijk en wereldwijd (in beginsel elk voor 1/3 deel).

 

De diaconieën verlenen plaatselijk verder nog financiële ondersteuning aan: De Open Deur Commissie en het Kerkblad ‘De Kerk Thuis’.

 

Sinds 1996 neemt de diaconie van Ilpendam jaarlijks een deel (aanvankelijk 1/3) van de kosten van de predikants­plaats voor haar rekening.

 

Overige activiteiten

Onder verantwoordelijkheid van de diaconie vindt verder nog plaats:

  • De bloemengroet.
  • De kerstgroet. In de week voor kerst worden door vrijwilligers attenties bezorgd bij ouderen.
  • De voedselinzamelactie ‘Dorcas’. Jaarlijks wordt onder verantwoordelijkheid van de diaconieën door een aantal gemeenteleden een voedselactie t.b.v. Dorcas georganiseerd. Bij deze actie worden zoveel mogelijk inwoners van Watergang en Ilpendam benaderd. Hierbij wordt samengewerkt met de Parochie van de Rooms-katholieke kerk te Ilpendam. Doelstelling is een grotere betrokkenheid van alle inwoners uit beide plaatsen bij diaconale acties.
  • Sam’s kledingactie is een jaarlijkse samenwerking van de Waterlandse diaconieën, waarvan de opbrengst gaat naar “mensen in nood”.
  • Diaconie Ilpendam steunt financieel stichting 55+
  • Met het oog op onverhoopte toekomstige tekorten bij de kerkvoogdijen nemen beide diaconieën zich voor om jaarlijks een bedrag uit de lopende begroting te reserveren ten behoeve van een egalisatiefonds, waaruit in voorko­mende gevallen – na verkregen toestemming – overhevelingen aan de kerkvoogdij kunnen worden gefinancierd.
  • Qua lange termijnvisie is de diaconie van Ilpendam voor wat betreft het bezit van landerijen (in beheer gegeven bij KKG) bereid deze af te stoten indien zich daar de mogelijkheid toe voordoet.
  • Vorming en toerusting. Er zal naar worden gestreefd nieuwe diakenen tijdig in te werken. De diakenen kunnen worden toegerust door het bezoeken van o.a. de ‘Landelijke diaconale dag’ en de classicale vergaderingen georganiseerd door het Regionaal Dienstencentrum. Tevens vindt toerusting plaats aan de hand van diverse informatiebladen, die door diaconale instellingen worden toegezonden. Het volgen van diaconale cursussen is ook een optie.
  • In het collecterooster wordt het doel van 2 zondagen bedacht door de leiding van de Kindernevendienst en VakantieBijbelWeek. Het betreft de collectebeurten in de gezinsdienst en de parkdienst.
  • De diaconie wil, in samenwerking met de Open Deurcommissie, eenmaal per jaar een gemeenteavond organiseren met een vertegenwoordiger van een diaconaal doel als gast, die samen met de gemeente een bepaald thema gaat bespreken en uitdiepen. Vanuit de Open Deurcommissie wordt het jeugdwerk en kindernevendienst gefinancierd.
  • In beide gemeenten worden structureel kinderen gesponsord via Woord en Daad.

 

7.3           Inzet voor de komende periode

 

Wij willen zoeken naar  regionale samenwerkingsverbanden om elkaar advies te vragen en te ondersteunen.

 

Bij hulpvragen vanuit de gemeente willen wij niet alleen financieel hulp verlenen, maar ook structureel meedenken hoe e.e.a. beter zou kunnen.

 

  1. Kerkrentmeesterschap

 

8.1           Inleiding

 

De colleges van kerkrentmeesters hebben als doel: de mogelijkheden scheppen voor de voortgang van de verkondiging van het Woord van God. Dit doen zij door de kerkenraad te voorzien van financiële middelen voor de kosten van de kerkgebouwen, de predikant, de catechese e.d. De voornaamste taken hierbij zijn: het inzamelen van financiële middelen, het beheer van deze middelen en het onderhoud en beheer van de kerkelijke gebouwen.

 

8.2           Werkwijze

 

Ilpendam en Watergang hebben ieder hun eigen college van kerkrentmeesters. Deze colleges hebben beiden een aantal hoofdtaken onderverdeeld. Dit betreft: secretariaat, algemene en financiële zaken, eredienst en onderhoud. De colleges kiezen uit hun midden een penningmeester (de kerkelijk ontvanger).

 

Conform de landelijke richtlijnen van de PKN wordt er jaarlijks een jaarrekening en een begroting opgesteld, waarin verantwoording wordt afgelegd over het gevoerde en goed­keuring gevraagd voor het te voeren beleid. Na de voorgeschreven beoordeling door een kascontrole­commissie en vaststelling door de kerkenraad, liggen beide stukken voor de gemeente ter inzage.

 

De colleges zijn verplicht om verantwoording van hun activiteiten af te leggen aan de provinciale kerkelijke overheden (het Regionale College voor de Behandeling van Beheerszaken in Noord-Holland, RCBB). Voor een aantal beheerstaken zijn de colleges ook verplicht een meerjarenplan aan het RCBB voor te leggen.

 

Inkomsten

De kerkrentmeesters dragen zorg voor de geldwerving. Een belangrijke inkomstenbron is de jaarlijkse actie kerkbalans. Daarnaast zijn er ook inkomsten uit collecten, uit eenmalige giften, uit het eigen vermogen, jaarlijkse boekenmarkt tijdens de braderie (Ilpendam) en uit de bazaar en uit subsidies. Elk najaar wordt in Ilpendam verder nog de lammerenactie gehouden, waarin aan de gemeenteleden om een extra financiële bijdrage wordt gevraagd.

 

In de begroting wordt getracht de baten en lasten zodanig op elkaar af te stemmen dat ze elkaar in evenwicht houden. Dat daarbij keuzes gemaakt dienen te worden spreekt voor zich. Bij het opstellen van de begroting wordt na inventarisatie van de behoeften getracht een reële inschatting te maken van de ter beschikking komende financiële middelen. Dit laatste is vooral gebaseerd op de ervaringen van voortgaande jaren. In speciale gevallen zal er mogelijk een extra beroep moeten worden gedaan op de gemeenteleden.

 

Voor Ilpendam geldt, dat gelden verkregen uit nalatenschappen, verkoop van gronden, en de eeuwig durende lening van de diaconie, die zijn gestort in het fonds “instandhouding predikantsplaats”, zeer veilig, maar wel zo goed mogelijk worden weggezet en daarmee zo te renderen, dat voor een deel de vaste kosten aangaande het pastoraat gefinancierd kunnen worden.

 

Beheer

Beide colleges dragen het beheer voor een monumentaal kerkgebouw. Het college van Ilpendam draagt daarnaast de verantwoordelijkheid voor de pastorie, welke in 2012 grondig gemoderniseerd is. Het college van Watergang heeft verder nog het beheer van een verenigingsgebouw (‘de Opbouw’) en enige landerijen. Voor het beheer en onderhoud van de kerkgebouwen en de pastorie is een meerjarenplan opgesteld. Het maken van dit plan is uitbesteed aan de monumentenwacht Noord-Holland/Bouwadvies Groot Holland, die voor zowel Watergang als Ilpendam een plan heeft opgesteld.

Voor Watergang zal ook een plan voor de pastorie en het gebouw “de Opbouw” worden opgesteld.

 

De monumentenwacht inspecteert 1x per twee jaar de kerkgebouwen en brengt advies uit over de noodzakelijk uit te voeren onderhouds- en restauratie werkzaamheden. Voor onderhoudswerkzaamheden wordt geprobeerd zoveel mogelijk gebruik te maken van subsidieregelingen zoals die van subsidieregelingen zoals de BRIM. (Besluit Rijkssubsidieregeling Instandhouding Monumenten). We proberen met zoveel mogelijk zelfwerkzaamheid de kosten zo laag mogelijk te houden

 

Overige activiteiten

Onder verantwoordelijkheid van de colleges van kerkrentmeesters vindt verder nog plaats:

  • De geluidsdienst (zie 4.6).
  • De schoonmaakdienst. De schoonmaakwerkzaamheden worden in beide gemeenten door vrijwilligers verricht. De contactpersonen hiervan staan vermeld in de gemeentegids.
  • Het bijhouden van de registers van de gemeenteleden en van de doop-,lidmaten- en trouwboeken (in beheer bij de scriba).

 

8.3           Inzet voor de komende periode

 

– In Watergang zal in aankomende tijd worden onderzocht naar mogelijkheden om in de Opbouw meer ruimte te maken voor het jeugdwerk cq oppas, dit om zoveel mogelijk

Zelfvoorzienend te zijn

 

– We willen kijken of we in beide gemeentes een onderhoudsdag kunnen instellen. Dit om kleine reparaties of lichte werkzaamheden aan de kerkgebouwen te doen.

 

 


9          Gemeenteopbouw

 

9.1          Inleiding

 

Centraal in de vorming en toerusting van de gemeente (gemeenteopbouw) staat de zondagse eredienst. Dit is de plaats waar de gemeente in al haar geledingen samenkomt. Hier wordt het woord van God verkondigd, wat de basis is van alle vorming en toerusting.

 

Daarnaast zijn er ook in de week samenkomsten van gemeenteleden, in allerlei verschillende verbanden, die gericht zijn op groei in het geloof en de opbouw van de gemeente. In dit hoofdstuk noemen we de Bijbelkringen en overige gemeenteactiviteiten. Momenten van vorming en toerusting voor de jeugd (catechese, kindernevendienst e.d.) noemen we in het hoofdstuk over Jeugdwerk.

9.2           Bijbelkringen

 

Een Bijbelkring bestaat uit ca. 8-12 personen die regelmatig bij elkaar komen bij een van de leden thuis voor Bijbelstudie, gebed en ontmoeting. De afgelopen jaren was er een grote bereidheid van gemeenteleden om deel te nemen aan Bijbelkringen. Wij zien hierin het werk van de Heilige Geest.

 

De Bijbelkringen worden geleid door de kringleider of dit wordt bij toerbeurt gedaan.

Hiertoe wordt voor de kringleiders voorafgaande aan iedere kringavond een voorbereidingsavond gehouden door de predikant. Hierop wordt het Bijbelgedeelte van die keer uitvoerig doorgenomen en wordt er ook een handreiking uitgedeeld wat kan dienen als leidraad bij de bespreking in de kringen. De bedoeling van deze opzet is om zoveel mogelijk kringleden te oefenen in het leiden van een Bijbelkring.

 

Wat betreft de inhoud van de kringen hebben we in de afgelopen jaren twee wegen bewandeld. We zijn bezig geweest met verschillende boekjes die een Bijbelgedeelte of een thema behandelden. En we hebben ook de Bijbelteksten die in de erediensten behandeld zijn als uitgangspunt gehad. Per jaar wordt gekeken welke van deze twee wegen goed is om te bewandelen.

 

9.3           Gemeenteactiviteiten

 

Open Deur Commissie

Een grote rol in het gemeenteleven speelt de Open Deur Commissie. Zij organiseert gemeenteactiviteiten met een ‘open deur’, gericht op de gemeente in de breedste zin van het woord; niet alleen voor (trouwe) kerkgangers, maar ook voor mensen aan de rand of daarbuiten.

 

Elk jaar organiseert de Open Deurcommissie diverse activiteiten, zoals gemeentedagen, thema-avonden, zangdiensten en andere passende activiteiten. De namen van de contactpersonen worden vermeld in de gemeentegids.

 

Bazaar

Ieder jaar wordt er, zowel in Ilpendam (najaar) als in Watergang (voorjaar), een bazaar gehouden. In Ilpendam vindt deze plaats in de kerk, in Watergang in het dorpshuis “de Nieuwe Boet”. De opbrengst is bestemd voor het college van Kerkrentmeesters De contactpersonen staan vermeld in het kerkblad.

 

De Lantaarn

Door de gemeente rouleren verschillende lantaarns. Dat zijn lampen die van gemeentelid op gemeentelid worden doorgegeven. Als gemeenteleden elkaar de lamp geven dan hebben ze een moment van (verdere) kennismaking. Het streven is dat de gemeenteleden een jaar of 20 van elkaar schelen. Het doel van de De Lantaarn is het versterken van de band tussen de verschillende generaties.

 

9.4           Communicatie

Kerkblad

Een grote rol in de communicatie binnen de gemeente speelt het kerkblad ‘De Kerk Thuis’. In het kerkblad staat steeds een meditatie, de rubriek ‘pastoraat’ over het wel en wee in de gemeente, de rubriek ‘jeugdzaken’, de agenda voor de komende kerkdiensten en andere samenkomsten, verslagen van allerlei gemeenteactiviteiten, praktische informatie vanuit de colleges van kerkrentmeesters en vanuit de diaconie en verder nog allerhande artikelen en gedichten.

 

Het kerkblad verschijnt zeven keer per jaar. Het wordt in Ilpendam verspreid onder de leden en in Watergang onder alle inwoners. De adressen van de redactieleden en inleverdata voor kopij staan in ieder kerkblad vermeld.

 

Gemeentegids

Ieder jaar verschijnt in het 1e kwartaal de gemeentegids. In deze gids staan alle kerkelijke activiteiten en organen genoemd met daarbij de namen en adressen van de verschillende contactpersonen. Deze gids wordt verspreid in combinatie met het kerkblad en ligt tevens in beide kerken op de informatietafel.

 

Website

De gemeente beschikt over een eigen website. Hierin kunnen gemeenteleden zelf informatie over het gemeenteleven vinden, maar de website fungeert tevens als middel om mensen buiten de gemeente via het world wide web te kunnen laten kennismaken met de gemeente. De kerkenraad is eindverantwoordelijk voor de inhoud van de website, die door een aantal enthousiaste gemeenteleden wordt onderhouden. Het adres van de website is: www.kerkiw.nl.

 

Infokastjes

Aan beide kerkgebouwen hangt een kastje waarin informatie hangt over onze gemeente en de diensten die er zijn.

 

9.5           Inzet voor de komende periode

 

* Versterken onderlinge verbondenheid

We zijn er van overtuigd dat vorming en toerusting van gemeenteleden sterker kan plaatsvinden als er goede onderlinge verbondenheid is. En omdat we inzien dat we daarin nog stappen kunnen zetten willen we op het verbeteren van die onderlinge verbondenheid de komende periode inzetten, zoals ook verwoord in de Opdracht.

 

Uitgangspunt is dat we de mogelijkheden tot deze versterking in eerste instantie niet gaan zoeken in het vermeerderen van momenten van contact, maar in het intensiveren van de huidige momenten van contact. Dit omdat we de beperkingen kennen van ver uit elkaar wonen en volle agenda’s.

 

Op de volgende manieren hopen we de onderlinge verbondenheid te kunnen versterken:

 

– De Bijbelkringen zijn een belangrijke bron op dit gebied (zie 7.2). We gaan daarom onderzoeken of en hoe we het werken in de kringen kunnen verbeteren. We denken dan aan:

  1. a) toerusting van kringleiders

b )het per jaar kijken naar aanleiding waarvan de kringenavonden worden ingericht, een boekje of                 Bijbelgedeelten die in de erediensten behandeld zijn.

  1. c) onderzoeken of en hoe er op een goede manier tussen kringen gerouleerd kan worden, zodat er nieuwe contacten ontstaan. Daarbij houden we er rekening mee dat het goede wat er nu aan            contacten is, niet zomaar moet worden verbroken.

 

– Proberen of we het traditionele concept ‘Gemeentedag’ op Hemelvaartsdag kunnen uitbreiden (7.3). Nu is de praktijk dat we in de middag van Hemelvaartsdag samen iets ondernemen. We gaan kijken of we dat kunnen uitbreiden naar twee dagen. Van donderdag tot zaterdag.

 

– Als je met andere mensen eet ontstaat er verbondenheid. Daarom willen we gaan zoeken waar en wanneer we in ons gemeenteleven met elkaar kunnen eten. Dit verbonden aan bestaande activiteiten als startzondag of de erediensten.

 

– Zoeken naar plekken waar generaties elkaar kunnen ontmoeten. Mogelijkheden zien we in gemeenteavonden, de Lantaarn, het Projectkoor, Bijbelkringen en sportactiviteiten.

 

– Onderzoeken van werken met andere doelgroepen dan we nu doen. De activiteiten zoals we die nu als gemeente aanbieden hangen vaak aan een bepaalde leeftijd. De kringen bijvoorbeeld, daarin zitten veelal leeftijdsgenoten bij elkaar. We gaan kijken of we mensen onder een andere gemene deler bij elkaar kunnen brengen. Bijvoorbeeld op gebied van werksituatie.

 

– Onderzoeken of het goed is om rond het bevestigen van een huwelijk een bestaand echtpaar te koppelen en het nieuwe echtpaar. Ter verbondenheid binnen de gemeente, maar nog veel meer ter opbouw van het nieuwe en ook het bestaande echtpaar.

 

 

10        Jeugdwerk

 

10.1         Inleiding

 

Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst, is een bekende uitdrukking. Dat geldt in het bijzonder voor het jeugdwerk. Want de jeugd van nu zijn de ouderlingen en diakenen over 25 jaar. Daarom heeft de jeugd recht op een eigen volwaardige plaats binnen de gemeente. De gemeente is verantwoordelijk voor de jongeren in haar midden en dient er voor zorg te dragen dat zij kunnen groeien naar zelfstandig geloven binnen de gemeente.

 

Getracht wordt de jeugd, ieder op zijn eigen (leeftijds)niveau bekend te maken met het evangelie van de opgestane Heer. Doel is de jeugd van jongs af aan te begeleiden tot zelfstandigheid in het geloof. De jongeren kunnen op deze manier groeien in het geloof, waarbij ze ieder op hun eigen wijze een bijdrage mogen leveren aan de gemeente. Naast feitelijke Bijbelkennis wordt ook geprobeerd te wijzen op het toepassen van diaconale werkzaamheden.

 

10.2         Organisatie

 

In de gemeenten zijn twee ambtsdragers in het bijzonder belast met de zorg voor het jeugdwerk. Dit betreft de jeugdouderling en de jeugddiaken. Daarnaast is er een jeugdraad die de verschillende onderdelen van het jeugdwerk coördineert.

Deze jeugdraad bestaat uit de jeugdouderling, de jeugddiaken en afgevaardigden vanuit het Jeugdhonk, de Kindernevendienst, Opstap, Crèche en het VakantieBijbelWeek-team. De raad vergadert één keer per jaar over de volgende onderwerpen en met de volgende doelstellingen: het opstarten en coördineren van het jeugdwerk aan het begin van het kerkelijk jaar, uitwisseling van ervaringen, communicatie met de kerkenraad e.d.

 

10.3         Tijdens de Erediensten

 

Tijdens de erediensten om 10.00 uur en 10.30 uur hebben kinderen tot 12 jaar een eigen programma.

 

Crèche

Kinderen tot 4 jaar zijn welkom in de crèche. Ze hebben daar onder leiding van twee gemeenteleden de gelegenheid te spelen.

 

Op Stap

Kinderen van +/-4 tot 6 jaar zijn welkom in Op Stap. Tijdens Op Stap is er een programma aan de hand van een gelijknamig methode van de HGJB. Ook is er gelegenheid te spelen. Het wordt geleid door een gemeentelid en is tijdens de hele dienst.

Kindernevendienst

Kinderen vanaf 6 jaar zijn welkom in de Kindernevendienst. De kinderen gaan met de ouders mee naar de kerk om de samenkomst van de gemeente bij te wonen, en mogen vervolgens halverwege de dienst met de leider/leidster mee naar een voor hen aangepaste dienst in het gebouw bij de kerk, waarna zij vóór de slotzang weer terugkomen in de kerk. De Kindernevendienst wordt geleid door een gemeentelid aan de hand van de methode ‘Vertel het Maar’.

 

10.4         Catechese

 

Op catechisatie worden de jongeren van de gemeente onderwezen over de inhoud van Gods Woord en van het christelijk geloof. Dit onderwijs ligt in het verlengde van de door ouders gedane doopbelofte en is gericht op een levende relatie met Jezus Christus en het doen van openbare belijdenis van het geloof. Daarnaast wordt tijdens de momenten van catechese gewerkt aan binding tussen de jongeren.

 

De catechese wordt gegeven door de predikant. Voor de verschillende leeftijdsgroepen worden verschillende samenkomsten gehouden, waarin rekening wordt gehouden met de ontwikkelingsfase en leefwereld waarin jongeren zich bevinden. De catechisatie wordt gegeven van begin oktober tot eind juni in 5 blokken van vier weken welke verspreid zijn over de maanden oktober tot juni. Sinds 2012 wordt er gebruik gemaakt van de methode Follow Me, een methode van de HGJB.

 

Voor de jongste groep (12-15 jaar) zijn er samenkomsten waarin er gewerkt wordt met thema’s die opkomen vanuit de Apostolische geloofsbelijdenis. Die thema’s worden verbonden aan Bijbelgedeelten en aan het leven van alle dag.

 

Voor de oudere groepen (15-17) zijn er samenkomsten waarin verschillende onderwerpen behandeld worden, niet aan een vast structuur verbonden. Wel staat de Bijbel centraal en worden de belijdenisgeschriften erbij betrokken.

 

Voor jongeren van 18+ is er De Bijbel Open. Een voortgezette catechese die eens per maand is, en een hele avond duurt. Leidraad voor deze momenten vormt een Bijbelgedeelte dat tijdens de avond open op tafel ligt en intensief met elkaar gelezen wordt.

 

Voor hen die zich voorbereiden op het doen van openbare belijdenis van het geloof is er een kring waarin de belangrijkste onderwerpen van het geloof in een eenjarige cursus aan de orde komen. Hierbij wordt een boek gebruikt. Deze cursus is ook te volgen voor hen die nog geen belijdenis van het geloof willen afleggen, maar zich meer in het christelijk geloof verdiepen willen, of voor hen die al belijdenis hebben gedaan, maar zich nu opnieuw in de kernonderwerpen van het christelijk geloof willen verdiepen.

 

10.5         Jeugdhonk

 

Sinds najaar 2013 is er het Jeugdhonk. Dat is een groep tieners, 11-15 jarigen, die eens in de twee weken bij elkaar komt in het Jeugdhonk in Watergang. Zij komen uit de gemeente en van buiten de gemeente. Op de avonden staat een thema centraal. Dat thema vormt een verbinding tussen de Bijbel en het leven de tieners. Ook is er ruim de gelegenheid voor binding tussen de jongeren, en de jongeren en de leiding. De avonden worden voorbereid aan de hand van HGJB materiaal en enkele keren per jaar wordt een speciale activiteit georganiseerd (bijv. bowling, schaatsen, filmavond, strandwandeling, etc). Een vast team geeft leiding aan het Jeughonk. Het Jeugdhonk wordt bezocht door jongeren uit de gemeente als ook jongeren van daarbuiten. De doelgroep is 11 tot 16 jarigen.

 

10.6         Inzet voor komende periode

 

* Jeugd meer in het midden van de gemeente

De eigen volwaardige plaats van de jeugd in de gemeente waar we in de inleiding over spreken willen we in de komende periode gaan versterken. We willen dit doen, zoals in onze opdracht verwoord, door te werken aan een beweging die de jeugd meer in het midden van de gemeente brengt. Nu is er plaats voor de jeugd in de gemeente, maar die is veelal wat aan de buitenkant van de gemeente, weinig zichtbaar voor het deel van de gemeente wat niet met jeugd te maken heeft.

 

We willen deze beweging in gang gaan brengen door de volgende initiatieven:

– In elke 10.00 uur of 10.30 uur dienst een kindermoment inplannen met aansluitend het zingen van een kinderlied (zie 8.3).

– Onderzoeken hoe we ouders en andere gemeenteleden kunnen betrekken in catechese en overig Jeugdwerk (zie 8.4). Bijvoorbeeld door af en toe een gemeentelid uitnodigen tijdens catechese of een jeugdhonkavond om iets te delen over geloof of kerkgang.

– Jeugdwerk regelmatig noemen in de voorbede

– Schrijven over catechese en ander jeugdwerk in Kerkblad, welke onderwerpen er voorbij zijn gekomen.

– Onderzoeken of het voor ons als gemeente haalbaar is om een vorm van mentoraat voor jongeren op te zetten

– Jongeren bij organisatie van activiteiten betrekken.

– Daarnaast willen we ook wat betreft het jeugdwerk onderzoeken waar het mogelijk is om samen te werken met andere gemeenten in de omgeving.

 

 

 

* Verbinding Jeugdwerk en gezin

We zijn er van overtuigd dat voor geloofsopvoeding van kinderen en jongeren de kerk een grote rol speelt, maar dat daarnaast en misschien wel daarboven ook het gezin een belangrijk plek is waar geloof geleerd en voorgedaan wordt. Het is een samen opgaan tussen gezin en kerk. Daarom willen we in de komende periode verbanden leggen tussen dat wat in de kerk aan activiteiten voor de jeugd is en ouders/gezinnen. Concreet denken we aan het volgende:

 

– Elk jaar organiseren van een ouderavond over de inhoud van de catechese voor het komend seizoen (zie 8.4).

– De Opstap en Kindernevendienst inhoud communiceren met ouders zodat erover nagesproken kan worden (zie 8.3).

 

Verder gaan we kijken of het lukt om enkele thema-avonden over geloofsopvoeding te organiseren. Daarbij houden we ook onze open ogen naar wat hierin wordt aangeboden in andere omliggende gemeenten.

 

 

  1. Zending en evangelisatie

 

11.1         Inleiding

 

Jezus Christus heeft Zijn gemeente de opdracht gegeven om in de wereld van Hem te getuigen. Zijn Naam is ons gegeven als de enige weg ten leven. Wij realiseren ons dat overdracht van het evangelie niet te organiseren is. Alleen de Heilige Geest kan mensenharten aanraken en het Woord van God doorgeven. Toch hebben we als gemeenten ook de opdracht om na te denken hoe de Geest onze gemeenten daartoe kan gebruiken. Hierbij kan onderscheid worden gemaakt tussen de verkondiging van Gods Woord over de hele wereld (zending, 8.2) en in onze eigen dorpen (evangelisatie, 8.3)

11.2         Zending

 

De kerkenraad acht het van groot belang dat de gemeente betrokken is bij het werk van zending. Deze betrokkenheid komt tot uitdrukking door in de samenkomsten van de gemeente geregeld aandacht te vragen voor het werk van zending en daarvoor te bidden.

 

Het werk van zendingsorganisaties, zoals dat van de Gereformeerde Zendingsbond (GZB), Stichting ZOA, Dorcas, Woord en Daad en Hulp Oost Europa, wordt regelmatig onder de aandacht gebracht. Hiertoe wordt ieder jaar door de ODC een gemeenteavond gehouden, waarop een zendingsorganisatie zich kan voorstellen en laten zien wat er op het zendingsveld gebeurd. Daarnaast wordt er in de kerk geregeld geld (of soms goederen) ingezameld voor het zendingswerk van deze organisaties.

 

11.3         Evangelisatie

 

Christus heeft tot zijn volgelingen gezegd: “Gij zijt het licht der wereld” (Mat. 5:14). Evangelisatie heeft dan ook niet in de eerste plaats te maken met allerlei activiteiten die ondernomen worden, maar vooral met hoe wij als gemeenteleden staan op de plek waar God ons geplaatst heeft, in ons gezin, op ons werk, op school en in ons dorp.

 

Daarnaast zoeken we ook als gemeente naar hoe het Evangelie van Gods liefde in Jezus Christus in onze omgeving bekend kan worden gemaakt. Ook voor evangelisatie geldt dat dit niet door onszelf te organiseren is. Het is de Heilige Geest die mensen tot Christus brengt. De gemeente is steeds op zoek naar hoe zij daarin een kanaal voor de Geest kan zijn. De ervaring is dat vooral kinderen en jongeren vaak nog open staan voor het Evangelie. Veel evangelisatiewerk is dan ook daarop gericht.

 

Vakantie Bijbel Week (VBW)

In de eerste week van de zomervakantie van de basisschool wordt er in beide gemeenten een week lang iedere morgen van maandag tot en met vrijdag VBW gehouden. Aan de hand van een thema wordt er gezongen, geknutseld en worden Bijbelverhalen verteld en spelletjes gedaan. Op de laatste dag vindt er ’s avonds een bijeenkomst plaats waarbij de kinderen het geleerde kunnen tonen aan belangstellenden. De VBW vindt in Watergang in dorpshuis de Nieuwe Boet en in Ilpendam in de kerk plaats. De doelgroep is kinderen tot 11 jaar.

 

Er is ook VakantieBijbelWeek voor tieners vanaf 11 jaar. Deze komen op twee ochtenden en een avond in dezelfde week bij elkaar

 

Bij de organisatie zijn zo’n 20 personen betrokken zowel van binnen als ook van buiten de Hervormde Gemeenten. De VBW trekt zowel kerkelijke als niet kerkelijke kinderen aan. Daarnaast komen er ook kinderen uit de regio.

 

Kerkdiensten

Traditioneel zijn de kerkdiensten rond Kerst, diensten waarop veel mensen naar de kerk gaan die normaliter op een ‘gewone’ zondag niet komen. Ook zij zijn hartelijk welkom bij deze diensten waarin wordt geprobeerd hen met een eenvoudige maar wel oproepende verkondiging aan te spreken. Ook bij andere diensten waarop veel buitenkerkelijke mensen komen, zoals trouwdiensten en rouwdiensten, is dit ons streven.

 

Overige activiteiten

  • Zoveel mogelijk contact houden met de bewoners van beide dorpen (kerkblad verspreiden, verjaardagsfonds in Watergang, kerstattenties, bezoekwerk).
  • Contact met plaatselijke verenigingen en instellingen (dorpshuis de Nieuwe Boet, stichting Ilpendam 55+, stichting volksvermaak Ilpendam).
  • Kerkgebouwen waar mogelijk publiek houden (bazaar, concerten, tentoonstellingen, dodenherdenking 4 mei, volkskerstzang).
  • Ondersteuning van de evangelische boekhandel ‘Het Goede Nieuws’ in Purmerend.
  • Verspreiding evangelisatiemateriaal (verspreiding van de “Echo” en de eigen ontwikkelde folder).

 

11.4         Inzet voor de komende periode

 

*Onderzoeken waarin we als gemeente meer open kunnen zijn

We willen we in de komende periode onderzoeken waarin we als gemeenten meer open kunnen zijn richting de omgeving waarin we als gemeenten wonen.

 

Uitgangspunten zullen daarin zijn:

– We gaan het meer open zijn niet zoeken in het vermeerderen van activiteiten, maar in het eventueel aanpassen van huidige activiteiten.

– We gaan bezig met bewustwording. Dat het open zijn van binnenuit groeit. Bijvoorbeeld door daar mee bezig te zijn in een jaarthema.

– We houden ogen en oren open of hierin samenwerking met andere gemeenten mogelijk is.